Ontbijtjes

Een van mijn favoriete maaltijden van de dag is het ontbijt. Ik hou van een beetje zoetig eten en er zijn zoveel verschillende opties mogelijk; van een omelet tot een overnight oats, van fruit tot groente en meer!
Er zijn veel verschillende ideeën en theorieën over ontbijten, van belangrijk om je systeem op te starten tot helemaal niet belangrijk. Wat de waarheid is weet ik niet en ik denk dat het voor iedereen belangrijk is dat je aanvoelt wat voor jou en jouw lichaam het prettigst is. Minimaal twee dagen in de week doe ik aan intermitting fasting (IF). In mijn geval houdt dit in dat ik vanaf het avondeten (ongeveer 19:00) tot de volgende dag lunch (ongeveer 12:00) niets eet of drink behalve water, koffie en thee (zonder melk of suiker erin). IF kan op vele verschillende manieren, maar ik heb gemerkt dat dit een manier is die voor mij werkt. Op dagen dat ik aan intermitting fasting doe, sla ik het ontbijt over en ik vind dat best lastig. Niet omdat ik dan langere tijd niet eet, maar omdat ik het lekkere ontbijt oversla. Vaak begin ik de lunch dan ook met iets dat lijkt op het ontbijt ter compensatie (hahaha).

Het lijkt me leuk om mijn favoriete ontbijtjes te delen. Ik weet dat ze niet origineel of nieuw zijn, maar wellicht heb je aan een van deze nog niet eerder gedacht!

Overnight oats
Deze havermout ‘pap’ maak je de avond van tevoren klaar. Dit maakt het een heel makkelijk en lekker ontbijtje. Ik vind het lekker (en gezond) om er chiazaad bij te doen omdat dit het wat meer volume geeft. Overnight oats kan met verschillend smaken, kruiden, fruitsoorten en yoghurt of kwark. Variatie genoeg, makkelijk en lekker! Ik vergeet alleen wel eens om dit, de avond vantevoren, klaar te maken. Dus dan moet ik die ochtend iets anders bedenken!

Aangeklede kwark
Een ander makkelijk ontbijtje is een bakje kwark met fruit, kruiden, zaden en havermout of granola (zie een voorbeeldje hierboven). Je kunt oneindig veel variëren en het bevat alvast een fijne hoeveelheid eiwitten. De laatste tijd probeer ik minder dierlijke producten te eten, dus dat maakt het nuttigen van melkproducten iets lastig maar ik heb gemerkt dat plantaardige yoghurt met wat eiwitpoeder een prima vervanger is (wel iets minder lekker, helaas).

Omelet
Een hartig lekker ontbijt is voor mij altijd een omelet. Het lekkerste vind ik dit met tomaatjes en spinazie, maar je kunt er natuurlijk iedere groente in mikken. Ook hierbij heb ik direct weer een goede hoeveelheid eiwitten en groente gegeten om de dag extra goed te beginnen. Je kunt de omelet op een boterham, cracker of rijstenwafel leggen. Soms maak ik het nog extra af door er  hüttenkäse op te doen!

Brood
Het meest typische Nederlandse ontbijt is toch wel een boterham. Het nadeel is dat ik echt makkelijk 5 boterhammen kan eten zonder een vol gevoel te krijgen. Daarom eet ik tegenwoordig mijn boterhammen heel erg vol belegd (als dat al een woord is). Ik eet dan meestal 2-3 boterhammen waarbij elk half of kwart sneetje anders belegd is. Denk aan avocado met kaas en tomaat. Hüttenkäse met komkommer, rucola en noem maar op. Zo eet ik er ook veel groente bij en heb ik dus eerder genoeg. Ook eindig ik dan vaak met een ‘toetje’ oftewel een zoet half sneetje (denk aan pindakaas of hagelslag).

Banaan-havermout pannenkoeken
Het laatste ontbijt wordt onder de ‘healthy’ people al vaak genoemd. Ik vind het heel lekker, maar heb ook wel eens de plank goed misgeslagen. Vaak voeg ik óf wat eiwitpoeder toe óf doe ik wat kwark over de pannenkoeken. De truc zit hem in de pannenkoeken niet te groot te maken en langzaam gaar laten worden. Ook kun je de pannenkoeken heerlijk beleggen met cacao nibs, jam, vers fruit en noem zo maar op.

Al met al heerlijke ontbijtjes waarbij je (met een beetje opletten) alle voedingsstoffen in een voor mij fijne samenstelling binnenkrijgt. Sommige zijn snel te maken en andere kosten iets meer tijd. Voor mij is variatie heel belangrijk en ik merk ook dat het maken van een ‘plaatje’ mij extra stil laat staan bij het eten, waardoor het meer voldoening geeft. Dit klinkt misschien een beetje gek, maar probeer het maar eens!

E-nummers en gezond eten

Over gezond eten wordt een hoop gezegd en E-nummers worden vaak besproken. Zoals eerder gezegd, ben ik geen diëtiste en dus ook geen expert. Ik spreek hier dan ook vanuit mijn eigen ervaringen. Ik wil graag gezond eten, weinig geraffineerde suikers binnen krijgen en eten op een duurzame manier. Een simpele oplossing hiervoor is zo min mogelijk bewerkt voedsel te kopen en eten, maar ja soms is kant-en-klaar eten heel makkelijk en lekker. Mij helpt het op zo’n moment om de afweging korte termijn (bewerkt eten) tegenover lange termijn (gezond eten) te zetten. Beide keuzes zijn dan goed zolang er maar bewust voor gekozen wordt.

Als ik bewerkt eten koop, wil ik graag dat dit zo gezond mogelijk is (natuurlijk met de nodige uitzonderingen en ‘cheat’ meals). Wat ik heb gemerkt is dat het lastig is om in te schatten welke E-nummers schadelijk zijn voor je gezondheid en welke dat niet zijn. Ook vind ik fabrikanten een beetje gemeen in deze zin, want als ze merken dat een E-nummer bestempeld wordt als ongezond of schadelijk gebruiken ze de normale naam in plaats van het E-nummer. Op deze manier kopen mensen het wel weer en is het ‘probleem’ voor hen opgelost. Dit terwijl de schadelijke stoffen er nog steeds in zitten.
Een goed voorbeeld hiervan is gistextract. Dit is een smaakversterker E-nummer E621, chemische naam mononatriumglutamaat. Deze smaakversterker heeft als doel om de smaakpapillen te stimuleren en je meer te laten eten dan je eigenlijk wilde.  In het boek ‘Excitotoxins: The Taste That Kills’ van Dr. Russell Blaylock legt hij uit hoe Aspartaam en Mononatriumglutamaat een ravage veroorzaakt in het lichaam. In veel landen is E621 een verboden stof in voedingsmiddelen mede dankzij het onderzoek van Dr. Russell Blaylock, behalve in Nederland. Dit vind ik gek. En ik vind het nog erger dat fabrikanten verschillende namen gebruiken voor hetzelfde schadelijke product om de consument zo een loer te draaien.
Een ander lastig voorbeeld vind ik in vleesvervangers. Het vervangen van vlees is heel goed voor het milieu en daarmee draag je bij aan het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen (jippie!), maar het is mij opgevallen dat in veel vleesvervangers het stofje carrageen zit. Dit lijkt op caroteen uit onder andere wortelen, maar niets is minder waar. Carrageen is E407, een verdikkingsmiddel en geleermiddel uit rood zeewier en studies hebben aangetoond dat dit additief bij proefdieren zweren in de dikke darm veroorzaakt, het immuunsysteem verzwakt en in te grote dosis de opname van essentiële mineralen vermindert. Deze stof is verboden in Engeland en mag in Europa niet meer aan babyvoeding toegevoegd worden. Gek toch? Je probeert dus het beste te doen door vleesvervangers te eten, maar krijgt daarbij wel schadelijke stoffen binnen.

Het is een hobby geworden om etiketten van voedingsstoffen te lezen en ik laat echt eten in de supermarkt liggen als er te veel stoffen toegevoegd zijn. Ook om te zorgen dat ik me niet een loer laat draaien zoals hierboven uitgelegd, heb ik een boekje aangeschaft, waarin overzichtelijk en kort uitgelegd wordt of een stofje schadelijk is of niet. Het boekje: ‘Wat zit er in uw eten?’ van Corinne Gouget en Will Jansen heeft een pocketformaat waardoor ik het gemakkelijk meeneem naar de winkel. Hierin zijn de additieve stoffen gecategoriseerd op oplopende E-nummers en kun je ook de normale naam vinden op alfabetische volgorde. Super overzichtelijk dus. Ook zijn de namen en nummers gekleurd; groen betekent dat ze over het algemeen als onschuldig worden gezien, oranje betekent dat er tegenstrijdige wetenschappelijke rapporten over bestaan en rood betekent dat meer dan ¾ van de internationale wetenschappelijke analyses aantonen dat het een giftig additief is.

Met dit boekje loop ik dus regelmatig door de supermarkt en onderzoek ik alle gekke namen en onbekende E-nummers. Ik laat me niet voor de gek houden door de fabrikanten en let tegelijkertijd op mijn gezondheid. Wat doe jij? Heb jij hier al eens over nagedacht of rekening mee gehouden? Wellicht vanaf nu wel!

Fermenteren

Nadat ik via verschillende kanalen de voordelen van gefermenteerd eten en drinken ontdekte, ben ik verschillende gefermenteerde gerechten gaan proberen. Ik zal jullie vertellen wat ik heb gemaakt, wat ik ervan vond en hoe ik sommige gerechten gemaakt heb. Maar eerst zal ik uitleggen wat fermentatie is en wat de voor- en nadelen zijn.

Fermentatie is het proces waarbij schimmels, bacteriën en gisten worden gebruikt om voedingsmiddelen te maken. Door het fermentatieproces verandert de zuurgraad, geur, smaak en/of uiterlijk van het eten en drinken. Voorbeelden van gefermenteerd eten is yoghurt, bier en zuurkool. Fermenteren is een proces dat al jaren voor Christus gebruikt werd om voedsel langer houdbaar te maken. Een hele oude methode, dus. J Naast het langer houdbaar maken van het eten, heeft gefermenteerd eten de volgende voordelen:

  • Gefermenteerd eten bevat extra vitaminen, doordat de suiker in de voeding omgezet wordt in alcohol, zuren of gassen. Zo ontstaat er ook nog vitamine B, C en K, antioxidanten en omega 3-vetzuren
  • Gefermenteerd eten wordt makkelijker verteerd, doordat het al gedeeltelijk voorverteerd is.
  • Gefermenteerd eten helpt de goede bacteriën, doordat er probiotica ontstaan tijdens het proces.

Let wel op, want bij het fermentatieproces kunnen ook ziekmakende bacteriën ontstaan. De kans hierop is het kleinst bij zure fermentatieprocessen, maar het is dus wel erg belangrijk om de juiste receptuur te gebruiken, om zorgvuldig en schoon te werk te gaan.

Bronnen:
https://www.orthica.nl/site/consumenten-nieuws/alles-gefermenteerd-eten-op-rij/
https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/fermentatie.aspx
https://www.ahealthylife.nl/8-gezonde-gefermenteerde-voedingsmiddelen/

Favoriete gefermenteerde drankje:
Een gefermenteerd drankje dat ik tegenwoordig wekelijks maak en heerlijk vind om te drinken tijdens warme dagen, is Kombucha. Ik heb ook het idee dat dit een positief effect heeft op mijn darmen. Kombucha is op basis van zwarte of groene thee. Na het lezen van enkele recepten, besloot ik te proberen om het zelf te maken. Dit drankje wordt gemaakt met een zwam (SCOBY) die thee en suiker omzet tot koolzuur, vitamine, antioxidanten en andere stoffen.

Je kunt tijdens de tweede fermentatie, experimenteren met smaakjes. Bij de tweede fermentatie voeg je fruit toe. De fruitsuikers worden omgezet in onder andere nog wat extra koolzuur. Ook voegt het fruit natuurlijk een heerlijke extra smaak toe. Op dit moment zijn gember-citroen en mango-aardbei mijn favoriet, maar ananas-gember, kers-appel en appel-kaneel-kardemom.

De wijze waarop ik geleerd heb om het te maken, kun je hier vinden. Aangezien er een nieuwe zwam groeit, geef ik graag een dochterzwam weg. Dus bericht me als je ook kombucha wilt gaan maken en een SCOBY zoekt!

Favoriete gefermenteerde eten:
Ook heb ik zuurkool van rode kool én rode bietjes gemaakt. Dit recept zal later volgen aangezien ik denk dat er nog wat verbeteringen aangebracht mogen worden. Ook heb ik gefermenteerde Russische kool gemaakt. Die was heel erg lekker en goed gelukt. Het gekke vond ik dat voor beide recepten de kool ongeveer 10 minuten gekneed dient te worden. Hieronder het recept voor de Russische Gefermenteerde Kool uit het boekje van de Ekoplaza.

Benodigdheden:
2 Spitskolen
400 gr winterpeen
2 el zout
6 laurierbladeren
1,5 el peperkorrels

Recept:
1. Doe de fijngesneden spitskool en wortel in een diepe, schone kom en voeg het zout toe. Meng dit goed. Kneed de groenten met schone handen tot het vocht gaat loslaten. Dit duurt ongeveer 10 minuten.
2. Voeg de laurierbladeren en peperkorrels toe en meng nogmaals.
3. Doe de groenten met het vocht in een grote weckpot (of in een paar kleinere) en zet ze onder druk door bijvoorbeeld een zak met gezouten water erop te zetten. Zorg dat er geen luchtbellen tussen zitten en dat alles onder het vocht staat.
4. Laat de weckpot zonder deksel minstens 3 dagen op kamertemperatuur staan zodat het koolzuurgas kan verdampen (dek eventueel af met een stuk keukenrol). Proef na 3 dagen en laat langer staan als je meer fermentatie (zuurdere smaak) wilt hebben. Een week schijnt het lekkerst te zijn.
5. Als je de kool gefermenteerd genoeg vindt, dek de pot af en zet het in de koelkast (de fermentatie stopt dan nagenoeg). En daarna, smullen maar!

Voorzaaien en de Moestuin

Een grote hobby van mij is de moestuin en hier zelf etenswaren verbouwen. Dit is de meest duurzame manier om groente en fruit te eten. Het geeft mij veel voldoening als ik, na weken werken, de vruchten kan oogsten uit eigen tuin. Je ziet echt letterlijk dat je harde werken wordt beloond. Ook vind ik het rustgevend om in de aarde te wroeten. Ik kan mijn hoofd even leegmaken en ben heerlijk buiten bezig. Een ander voordeel is dat je met het mooie weer een bruin kleurtje krijgt.

Afgelopen weekend was ik van plan om alle zaadjes die ik heb te planten. Nou denk je, ALLE zaadjes!? Ja ALLE! Ik heb veel zaadjes verzameld over de jaren. Maar na een eerste poging dit jaar merkte ik dat maar 1/3 van de zaadjes uitkwamen. Ik heb het vermoeden dat de zaadjes afgelopen winter vochtig zijn geworden en bevroren. Ze zijn dus ‘dood gegaan’ (*snik snik*). Daarom is het plan om dit jaar alle zaadjes te zaaien en alles wat uitkomt buiten in de moestuin te poten. Volgend jaar kan ik dan een nieuwe ‘frisse’ start maken.

Ik vroeg Roy om een foto te maken en hij begon te mopperen over dat ik een slechte achtergrond had uitgekozen. Hahaha geboren fotograaf zou je denken? Ik denk dat hij vanaf nu maar al mijn fotos moet maken! Wat denken jullie?

Een nieuwe start is ook iets wat ik zo fijn vind aan de moestuin. In de lente begint alles weer van vooraf aan. Het kan dat je een seizoen alles verpest en dat niets lukt, maar het jaar erna kun je gewoon weer opnieuw beginnen. De zaadjes die dit jaar wel uitkomen mogen uiteraard groeien en bloeien in mijn moestuin. Het plan is om van die oogst een paar vruchten te drogen zodat ik die zaadjes kan bewaren voor volgend jaar. Op deze manier hoef ik volgend jaar minder zaadjes nieuw te kopen, maar kan ik gewoon mijn eigen zaadjes drogen.

Om alle zaadjes voor te zaaien, heb ik een aantal eierdozen verzameld en daar de zaadjes in de kuipjes gezaaid in wat potgrond. Eierdozen vergaan gewoon na een tijdje, dus als een zaadje is uitgekomen, knip ik het kuipje los van de rest en stop ik dat in z’n geheel in de grond.

Dit werkt heel goed en je hoeft de worteltjes van het plantje niet los te trekken om het te kunnen poten. Dit jaar probeer ik ook nog wat nieuwe groente te kweken zoals aubergine en goya. Ik betwijfel of het klimaat in Nederland warm genoeg is om deze groentes te laten groeien, maar daar kom ik maar op een manier achter; PROBEREN.

“You never fail, unless you stop trying” – Albert Einstein